Participatiewet zó niet uitvoerbaar

Posted on 18 december 2013

3


Onlangs is door het rijk de vierde nota van wijziging over de Participatiewet naar gemeenten gestuurd. De wethouders uit onze regio zijn op zijn zachtst gezegd niet tevreden over de inhoud van de nota. Binnen de geschetste kaders is de participatiewet voor gemeenten niet goed uitvoerbaar en onbetaalbaar. In een brief aan het bestuur van de VNG roepen we op tot het laten horen van een krachtig tegengeluid. Participatiewet, oké. Maar het moet wel kunnen.

Geacht bestuur,

Wij hebben de 4e nota van wijziging over de Participatiewet met veel verbazing gelezen en wij constateren dat deze wet binnen de landelijke kaders voor ons onuitvoerbaar wordt. Onze regio staat achter het principe van één regeling voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Gemeenten in onze regio streven naar maatwerk. Daarvoor zijn beleidsvrijheid, voldoende financiële middelen, duidelijke wetgeving en voldoende voorbereidingstijd nodig. In de uitwerking van de Participatiewet zien wij dat al deze principes onvoldoende aanwezig zijn.

Er wordt binnen de Participatiewet een onderscheid gemaakt tussen mensen met een beperking en andere uitkeringsgerechtigden. Dat is in tegenspraak met het principe van één regeling. Sterker nog de extra banen waarvoor werkgevers en overheid zich garant hebben gesteld, dienen de eerste jaren zoveel mogelijk ingevuld te worden met Wajongers en mensen van de Wsw-wachtlijst. Voor mensen zonder indicatie kan de gemeente dus vrijwel niets doen.

Het UWV krijgt bovendien een rol bij de vaststelling of iemand zoveel begeleiding nodig heeft dat beschut werk voor de hand ligt. Dit terwijl de gemeenten op papier de vrijheid hebben om de voorziening beschut werk wel of niet in te zetten en de loonwaarde op de werkplek moeten vaststellen. Dit is in tegenspraak met gemeentelijke beleidsvrijheid. Opnieuw een landelijke indicatiestelling bij het UWV optuigen lijkt ons niet gewenst en dient ook geen enkel doel, behalve dat er weer een wachtlijst voor een subgroep wordt gecreëerd. Wij willen dus geen landelijke indicatiestelling.

De vorming van 35 regionale Werkbedrijven is verankerd in de wet. Wij juichen afspraken over loonwaardebepaling, de no-riskpolis etc. op regionaal niveau toe. Waar wij huiverig voor zijn is een extra bestuurlijk overleg orgaan met sociale partners met allerlei belangen, terwijl de gemeenten uiteindelijk  in hun eentje de financiële risico’s van de Participatiewet dragen. Zeggenschap delen maar wel de volledige financiële verantwoordelijkheid dragen gaan niet samen.

Ervaringen uit het verleden hebben ons geleerd dat het creëren van banen en matchen van vraag en aanbod op de werkvloer moet gebeuren. Er zijn in Nederland en ook in onze regio al genoeg overlegorganen die bezig zijn met regionaal arbeidsmarktbeleid. De bestaande SUWI-wetgeving biedt hiervoor al voldoende mogelijkheden en voorschriften. Met nog meer bureaucratie, bestuurlijk overleg en opgelegde regelgeving worden geen nieuwe banen gecreëerd. Een regionaal werkbedrijf vertraagt onnodig besluitvorming en belemmerd ondernemend gedrag.

Over de financiële kaders van de Participatiewet hoeven we het eigenlijk niet meer te hebben. Deze zijn volstrekt onvoldoende, in het bijzonder door de forse bezuinigingen op de middelen bestemd voor re-integratie. Dit heeft uw bestuur al regelmatig in Den Haag onder de aandacht gebracht. Wij constateren bovendien dat de kosten van mensen in beschut werk niet volledig vergoed worden, want deze groep komt onder een CAO te vallen. Ook voor mensen met een verdiencapaciteit van minder dan 30% van het WML krijgen de gemeenten geen volledige vergoeding van de kosten. Financieel gezien is het voor gemeenten dus niet interessant om voor deze mensen werk te zoeken en dat zullen veel gemeenten dan ook niet meer doen. Kwetsbare mensen komen zo thuis te zitten.

Waar wij ons ook zorgen over maken is het steeds verder naar achteren schuiven van het wetgevingstraject, terwijl de invoeringsdatum blijft staan. Wij komen in ernstige tijdnood. Ook wachten wij nog steeds op de resultaten van het overleg in de Werkkamer. De implementatie van de wet per 1 januari wordt een heuse tour de force, met alle mogelijke gevolgen (onzorgvuldigheid) van dien. Dat is geen goede zaak.

De Participatiewet is één van de drie transities in het sociale domein. De uitdaging voor gemeenten is om met integraal beleid en uitvoering en creatieve oplossingen de burgers, in het bijzonder de meest kwetsbare burgers, te ondersteunen bij het participeren in de samenleving. Gemeentelijke beleidsvrijheid is hiervoor een essentiële randvoorwaarde. Hierboven hebben wij al aangegeven dat er toch weer flink wat extra regelgeving komt en schotten tussen verschillende doelgroepen worden opgetuigd. Ook de strakke voorschriften van de nieuwe WWB-maatregelen helpen ons niet bij onze belangrijkste opgave, integendeel strakke voorschriften hinderen ons in ernstige mate.

Wij willen met deze brief onze zorgen over de Participatiewet onder uw aandacht brengen. Wij achten de wet binnen de huidige kaders onuitvoerbaar. Wij hopen dat het bestuur van de VNG in staat is om een krachtig geluid te laten horen in het lobbywerk bij de leden van de Tweede en Eerste Kamer en in de overleggen van de Werkkamer.

Met vriendelijke groet,

Drs. W.P.H.J. Peters,

Wethouder Sociale Zaken gemeente Oss,

namens de stuurgroep invoering Participatiewet

regio Noordoost-Brabant oost

Posted in: Uncategorized