“We gaan op Vossenjacht”

Posted on 22 oktober 2015

5


“Pittig, heftig en ontluisterend.” Zo ervoer burgemeester Vos van de gemeente Steenbergen een bijeenkomst waarbij gesproken werd over de eventuele komst van vluchtelingen naar zijn gemeente. Natuurlijk betrof het maar een klein deel van de aanwezigen. De meeste mensen, ook de tegenstanders van asielopvang, gedroegen zich netjes en fatsoenlijk. Maar een deel gedroeg zich ronduit intimiderend. Dat kan niet in een democratie.

“Daar moet een piemel in.” Dat en andere ‘adviezen’ kreeg inspreekster Dasja Abresch toegeschreeuwd, toen bleek dat ze voor asielopvang was. Eerder had ze al een steen door haar ruit gekregen. Enkele schreeuwers lieten zich eerder al van hun creatieve kant zien door ‘wij gaan op Vossenjacht’ te scanderen. Dat was goed gevonden. Want de burgemeester van Steenbergen heet Joseph Vos. Die woordspeling was dus humor.

Democratie betekent niet dat een meerderheid blind zijn wil mag opleggen aan een minderheid. Het betekent ook niet dat de grootste schreeuwers het grootste gelijk krijgen. Het betekent al helemaal niet dat het recht van de sterkste moet zegevieren. In een democratie worden argumenten tegen elkaar afgewogen. En neemt een door het volk gekozen groep mensen uiteindelijk een beslissing. Daarbij wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met bezwaren van een minderheid. Zo hoort het. Dat hebben we zo afgesproken in dit land.

Volksvertegenwoordigers en bestuurders moeten hun afwegingen in alle vrijheid kunnen maken. En burgers moeten in alle vrijheid hun mening kunnen geven. Zodra intimidatie of geweld aan de orde komen, kan dat niet meer. Want intimidatie werkt. Mensen houden uit angst of veiligheidsoverwegingen liever hun mond. Intimidatie beïnvloedt helaas gewoon de besluitvorming. De democratie met al haar vrijheden en verworvenheden, waarvoor onze ouders en grootouders inderdaad gestreden hebben, wordt zo vakkundig om zeep geholpen.

Onbeschaafde figuren heb je altijd. Ze trekken wel veel aandacht. Maar gelukkig vormen ze een kleine minderheid. Als we onze democratie en vrijheid willen behouden, dan moeten we er voor zorgen dat intimidatie uit het politieke proces blijft. De overgrote meerderheid van voor- en tegenstanders zijn dat aan zichzelf en elkaar verplicht. Politie en justitie kunnen dat niet alleen. We zullen elkaar moeten aanspreken op intimiderend gedrag. De dichter Van Randwijk schreef na de oorlog: “Een volk dat voor tirannen zwicht, zal meer dan lijf en goed verliezen. Dan dooft het licht.” Welk standpunt je verder ook mag hebben, Van Randwijk had gelijk.

Posted in: Uncategorized