Het geweld tegen kinderen neemt enorm toe het afgelopen jaar. Dat concludeert het Haarlems Dagblad. “Want het Algemeen Meldpunt Kindermishandeling (AMK) doet steeds vaker onderzoek.” Die conclusie is wat voorbarig. Er is steeds meer aandacht voor kindermishandeling. En hoe meer aandacht hoe meer meldingen. Dat kan bijna niet anders. Maar daarmee is niet gezegd dat Nederlanders tegenwoordig gewelddadiger tegenover hun kinderen zijn. Er is iets anders aan de hand.
Incidenten rond kinderen als Savannah en het Maasmeisje willen we hoe dan ook voorkomen. En we hebben nogal wat beleidsregels, protocollen en bureaucratie opgetuigd om dat voor elkaar te krijgen. Het aantal kinderen dat (tijdelijk) bij hun ouders is weggehaald is daardoor enorm toegenomen. Net zoals de hoeveelheid tijd die een professional nodig heeft om aan te tonen dat hij in juridische zin geen fouten maakt. Niet voor niets zegt emeritus hoogleraar Herman Baartman in Trouw: “De vraag is niet meer of je beslissingen als gezinsvoogd goed zijn, maar of ze conform de regels zijn. Dus ga je op safe spelen. Was jeugdzorg eerst beducht ten onrechte in te grijpen, nu is men vooral beducht ten onrechte niet in te grijpen.”
Sinds 1 juli 2013 zijn beroepskrachten bovendien verplicht een meldcode te gebruiken bij vermoedens van geweld in huiselijke kring. Wanneer je met je kind naar de EHBO moet is de kans groot dat in nette bewoordingen aan jou èn aan je kind gevraagd wordt of papa ‘losse handjes’ heeft. Ik ken ouders die voor de tweede keer met hun kind naar de EHBO moesten. En zich vervolgens meer zorgen maakten over de indruk die ze wekten bij de behandelend arts dan over de gezondheid van hun kind. Natuurlijk is het goed om als professional je ogen open te houden. Maar we kunnen overdrijven. De angst regeert.
“Een angstcultuur leidt tot wantrouwen” aldus Baartman. “Daar is niemand mee geholpen, en zeker het kind niet waar het om draait.” Baartman heeft gelijk. Natuurlijk werkt het beter wanneer hulpverlening aansluit bij de wens van iedere ouder om het goed te doen. “Door al dat wantrouwen creëren we een veel te harde aanpak voor soms lichte problematiek”. Wie een hamer als gereedschap heeft wil overal op timmeren zullen we maar zeggen. En zolang wantrouwen binnen de zorg dominant is, ‘checken we alles dood.’ Baartman stelt dat het tijd is voor een cultuurverandering. Ik denk dat hij gelijk heeft.
Henk Peters
22 november 2013
Uitstekend!
Welterusten straks!
Je vader
Verstuurd vanaf mijn iPad
H. Zandstra
22 november 2013
De analyse onder dit stuk klopt niet. Als er immers een doorgeslagen cultuur was en alle risico’s zouden worden gedekt, dan zou de kindermishandeling dalen en het aantal dode kinderen (elke week 1) door mishandeling dalen. Dat is echter niet het geval terwijl het een wel een feit is, zoals de auteur beschrijft, dat de meldcode breed is ingevoerd en de overheid overal speurt naar kindermishandeling.
Kennelijk treft dit dus geen enkel doel. En dat heeft te maken met het functioneren van de jeugdzorg, want daar zit het echte probleem. Er is geen kennis van mishandeling en hoe mishandelde kinderen zich gedragen, er is niet eens kennis op een beetje behoorlijk niveau over hechtingsproblematiek, loyaliteitsconflicten etc.
Wat je ziet zijn uitdijende overheidsinstanties die zich aan elke democratische controle en checks and balances willen ontrekken en ondanks alle fouten en het gebrek aan effectiviteit, wel steeds meer macht voor de ‘professionals’ willen. Maar zo professioneel zijn die professionals niet, want dan was er wel resultaat.
Maar ook kunnen media het effect van de jeugdzorg niet bestuderen, de commissie Samson kon zijn werk nauwelijks doen. De sector duldt geen pottenkijkers, want dan zou blijken – zoals nu ook al uit alle rapporten van instanties en van onderzoeken blijkt – dat de misstanden in de jeugdzorg structureel zijn. Dat bleek immers ook bij de commissie Samson en dat zeggen ouders ook al jaren, naast alle instanties.
Maar ook rekenkamers trekken aan de bel over jeugdzorg, de Nationale Ombudsman doet dat al jaren, de VN doen dat al jaren, Defense for Children etc. Kortom, hoe kan het dat er desondanks zo ontzettend veel geld gaat naar instanties met het doel mishandeling te kindermishandeling te bestrijden zonder dat dat ook maar enig effect heeft?
Dat komt omdat politici maar al te graag willen geloven dat jeugdzorg helpt, en dat men de gekste verklaringen vanuit de sector pikt en napraat. Modetaal als vertrouwen in professionals, vertrouwen in ouders etc. Maar in de praktijk blijkt – en dat gaf prof. Hermans ook aan – dat echt mishandelende ouders nou juist vaak veel te lang vertrouwd worden. En omgekeerd.
Dat past ook bij de conclusie onlangs van het SCPB dat jeugdzorg de verkeerde doelgroep treft. De echt mishandelde kinderen komen heel vaak pas in beeld als ze iets crimineels doen, daarvoor heeft jeugdzorg eindeloos die ouders vertrouwd en was er misschien wel een OTS maar dat helpt niet tegen mishandeling.
Daarom is het heel erg goed dat er nu een kinderombudsman is die de vinger op die zere plek legt en in alle gemeenten wil onderzoeken wat er nu daadwerkelijk met kinderen gebeurt nadat zij bij jeugdzorg in beeld komen. En dat is heel hard nodig. Wedden dat de kinderombudsman hierbij net zo gedwarsboomd zal worden als in het verleden de commissie Samson? Want van zo’n onderzoek is immers weinig goeds voor de sector te verwachten.
In de tussentijd moeten gemeenten keihard inzetten op controle van jeugdzorginstellingen. Financieel om te beginnen, dus via de rekenkamers. Controle op effect, en constant onaangekondigd op bezoek gaan bij de instellingen en erop staan ook de kinderen te spreken die straf hebben of in de isoleercel zitten. Geen zand in de ogen laten strooien, vragen hoeveel kinderen zijn weggelopen of zelfmoord hebben gepleegd.
Daarnaast moeten alle individuele klachten minutieus worden uitgezocht en daarvoor moeten strenge straffen worden uitgedeeld.
Gemeenten lijken tot nu toe helaas geen flauw benul te hebben van de ernst van het disfunctioneren in de jeugdzorg en zijn te gretig op goede banden met bestuurders en trappen massaal in beleidspraatjes en PR-verhalen alsof de jeugdzorg het zo goed zou doen en zich zo zou vernieuwen. Zonder dat daar enige reden voor is.
Dat is misschien nog wel het grootste gevaar voor kinderen: politici die niet opletten en maar al te snel aannemen dat het wel goed zal zitten met het lot van de kinderen bij de professionals. Ondanks dat keer op keer blijkt dat daar geen enkele reden voor is, want er is namelijk geen enkel bewezen resultaat of effect meetbaar van jeugdzorg.