Mantelzorg en medemenselijkheid

Posted on 6 november 2013

5


De overheid pleit ervoor dat Nederlanders steeds meer voor hun hulpbehoevende familieleden gaan zorgen. Maar het is zeker niet zo dat familieleden elkaar op grote schaal laten stikken. In tegendeel! Het is wat mij betreft dan ook niet perse de bedoeling hen te vragen meer zorg bieden. Maar het zou wel anders kunnen. In elk geval beter. En misschien goedkoper. Maar daarvoor is inleving in de complexe situatie van mantelzorg nodig. En sturen op inlevingsvermogen is moeilijker dan sturen op centen. 

“In Nederland wordt het aantal mantelzorgers geschat op 3,4 miljoen”, schrijft lector mantelzorg Deirde Beneken genaamd Kolmer op socialevraagstukken.nl. “Het aantal mantelzorguren komt overeen met het werk van 650.000 beroepskrachten. De economische waarde van de mantelzorg wordt geschat tussen de 4 en 7 miljard euro. Maar voor mij is dat niet het belangrijkste. Voor de meeste mantelzorgers is het vanzelfsprekend om hun naasten te verzorgen. Gewoon zorg van mens tot mens. Voor mij is het die menselijke waarde van mantelzorg waar het om gaat.” Beneken genaamd Kolmer heeft gelijk.

Mantelzorg is misschien vanzelfsprekend. Maar dat betekent niet dat mantelzorgers hun naasten altijd kunnen verzorgen zonder professionele ondersteuning. En dan gaat het vaak niet eens om het verstrekken van geld of middelen.  Maar om goede diagnoses, voorlichting, advies en betrokkenheid. Om afstemming vooral. In de woorden van een jonge vrouw die wegens rugklachten aan het bed gekluisterd is: “Ik krijg uiteindelijk alles wat ik aanvraag. Maar het zou verdomme al mooi zijn als ze gewoon aandachtig zouden luisteren. En ingewikkelde dingen simpel zouden maken. Ik ben al bijna tevreden als ze me niet tegenwerken. Ik wil dat gemeente en hulpverleners zich in mijn situatie verdiepen. En eventuele hulp daar op afstemmen.”

Mantelzorgers ervaren onvoldoende afstemming en communicatie tussen zorgverleners onderling en bijvoorbeeld de gemeente. En dat huisartsen niet altijd tijdig doorverwijzen voor nader onderzoek en diagnostiek. Voor mantelzorgers en zorgvragers is dat verschrikkelijk. Het ‘aanmodderen’ thuis en langer dan een jaar moeten wachten op de juiste diagnose en behandeling, dat moet voorkomen worden. Daar moet de discussie over gaan en niet over ‘schaamlappen’ als een ‘mantelzorgcompliment’. Zo’n compliment is geen ondersteuning. Als het daar wel voor door moet gaan is een compliment gewoon een belediging.

Goede mantelzorgondersteuning begint daar waar zorgvrager, mantelzorger en professional elkaar ontmoeten en gezamenlijk de zorg dragen. En dan heb ik het niet alleen over het delen van fysieke zorgtaken. Mantelzorgers raken niet zozeer overbelast van extra dingen die ze thuis moeten doen. Niet van de zorgtaken, maar wel van de zorgen. De jongen die zijn blinde tweelingbroer helpt, doet dat graag. Maar hij heeft wel last van kopzorgen over zijn broer. En van schuldgevoel als hij wil voetballen of gamen in plaats van zorgen. Ook daar moet aandacht voor zijn.

Gezocht moet worden naar een gezond en rechtvaardig evenwicht. Wat kunnen zorgvrager en mantelzorger oppakken en waar is ondersteuning nodig? Het antwoord op die vraag blijft niet hetzelfde. Situaties en omstandigheden veranderen. De rol van mantelzorg en professionale hulpverleners dus per definitie ook.  Ik wil gesprekken tussen gemeente, zorgvrager én mantelzorger. Waarbij de mantelzorger niet alleen familielid is, maar een gelijkwaardige gesprekspartner. Het doel is samen tot een rechtvaardig evenwicht van zorg te komen, waarbij duidelijk is dat de ene mantelzorger niet hetzelfde kan doen als een andere.

Geen enkel mens en geen enkele situatie is gelijk. Mantelzorgers zijn dus geen doelgroep. En we gaan ze ook niet als doelgroep behandelen. Dus geen mantelzorgcompliment of mantelzorgsteunpunt of mantelzorgvouchers. Dat is duur en draagt niet bij aan de structurele oplossing voor een zorgvrager en mantelzorger. Structureel samenwerken met het gezin is niet alleen efficiënter, maar draagt er ook aan bij dat zorgvragers en mantelzorgers zich erkend en geholpen voelen. Daar kan een mantelzorgcompliment niet tegenop!

De jonge vrouw met rugklachten en de jongen met zijn blinde broer hebben me geraakt. Zij maken me duidelijk dat het debat over eigen kracht en mantelzorg juist niet gaat over geld. Dat het niet gaat om recht op voorzieningen die te duur dreigen te worden. En dat het al helemaal niet gaat om dure ‘doekjes voor het bloeden’ als vouchers, steunpunten, complimenten enzovoort. Het gaat om ‘serieus nemen’. Voor vol aanzien. Het gaat om een houding van werkelijk luisteren en samen tot de best mogelijke zorg komen. Daar hebben zowel zorgverleners als overheid nog veel in te leren. Het kan echt beter. En waarschijnlijk goedkoper. (In die volgorde).

Posted in: Uncategorized