Kwaliteit van scholen staat voorop!

Posted on 23 februari 2013

1


Basisscholen met minder dan honderd leerlingen zouden hun deuren moeten sluiten. Dat schrijft de Onderwijsraad in een advies aan het kabinet. Scholen met minder leerlingen zouden vaak onvoldoende kwaliteit bieden om op een verantwoorde manier onderwijs te blijven bieden. Grote flauwekul. Sterker: kleine scholen in de gemeente Oss bieden al jaren uitstekende kwaliteit. Toch is er vooral in de kleine kernen alle reden om juist nu over de toekomst van het onderwijs na te denken. Deze bijdrage is onder de titel “Kop niet in het zand steken” verschenen in het Brabants Dagblad van zaterdag 23 februari en is geschreven samen met fractievoorzitter Toon Jaspers.

Basisscholen in kleine kernen zijn al jaren bang dat ze opgeheven worden. Voorzieningen als een kerk, een kroeg en sportverenigingen, maar zeer zeker ook een school zijn voor de leefbaarheid erg belangrijk. En dus zijn kleine kernen niet blij met het advies van de onderwijsraad. “Blijft de school in ons dorp bestaan? Of zal ze net als de kerk en de buurtsuper, de deuren sluiten?” Wij vinden kwaliteit van onderwijs doorslaggevend. Kleine scholen scoren soms minder goed dan wat grotere scholen, maar het verschil is minimaal: maar 1,4%. En onze kleine scholen doen het uitstekend.

Als een school goed onderwijs kan geven, heeft ze bestaansrecht. Maar aan die stelling zit wel een grens. In Overlangel wordt nog steeds prima lesgegeven. Maar een school van 32 leerlingen blijkt voor het schoolbestuur onbetaalbaar. Bovendien is het ook wel prettig als kinderen met een aantal leeftijdsgenootjes in de klas zitten. Dat vinden ook ouders uit Overlangel die op dit moment hun kinderen al in Ravenstein of Herpen naar school laten gaan. Het besluit van het schoolbestuur is wat ons betreft dus wel begrijpelijk. Maar jammer voor het dorp is het wel!

Doordat ook in Oss en de kernen merkbaar minder kinderen worden geboren, zullen scholen minder leerlingen krijgen. Of we dat nu leuk vinden of niet. We kunnen gewoon niet ontkennen dat door de krimp de leerlingenaantallen in de kernen onder druk komen te staan. De schoolbesturen zijn ook niet heel rijk. Enkele jaren geleden is de opheffingsnorm van scholen naar beneden bijgesteld. De dreiging met sluiting is in de overige kernen dus niet onmiddellijk. Maar het lijkt ons zeker niet verstandig de kop in het zand te steken en lijdzaam te wachten op wat komen gaat. Wij roepen alle partijen, schoolbesturen, ouders, dorpsraden en de gemeente op om na te denken over de toekomst van goed onderwijs. In wijken als de Ruwaard maar zeker ook in de kernen. Ontkennen van de krimp heeft geen zin. Tegen beter weten in verzetten tegen die feiten ook niet. Wij vinden het verstandig om, nu er nog wat te sturen valt, er samen letterlijk het beste van te maken.

De taak van het onderwijs is eenvoudig. Het verzorgen van uitstekend onderwijs aan jonge mensen. Het liefst zo dicht mogelijk bij huis. Ook wij zijn voor het openhouden van scholen in de kernen als dat kan. Door goede samenwerking tussen scholen binnen een schoolbestuur is dat tot nu toe gelukt. Misschien dat verdergaande samenwerking tussen verschillende schoolbesturen die betaalbaarheid ook in de toekomst iets gemakkelijker maakt? Dat is wat ons betreft het onderzoeken meer dan waard.

De Rijksoverheid gaat volgens ons alleen over de controle op de onderwijskwaliteit. En wel via de onderwijsinspectie. In onze gemeente laten we ook zien dat kwaliteit niet altijd te maken heeft met omvang. Scholen die langdurig ernstig onder de maat presteren mogen wat ons betreft morgen gesloten worden. Maar daar moet de bemoeienis van de overheid wel ophouden, van Den Haag, maar ook van de gemeente.

De gemeente heeft buiten onderwijshuisvesting en leerplichtzaken geen directe relatie meer met scholen. Schoolbesturen gaan samen met medezeggenschapsraden over het onderwijs en het open houden of het sluiten van scholen. En de Rijksoverheid gaat over de kwaliteit. Maar de gemeente heeft wel degelijk een belangrijke verantwoordelijkheid voor onze kinderen. En de gemeente heeft samen met de wijk- en dorpsraden ook een verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid. Iedereen ziet de feiten. Laten we er dan in alle openheid over nadenken hoe de toekomst er het beste uit zou kunnen zien. Het is verstandig nu al samen te bouwen aan een mooie toekomst voor onze kinderen, met uitstekende en bereikbare voorzieningen die duurzaam blijven bestaan. Beter dat dan hopen dat de storm wel over waait. Dat doet hij namelijk niet.

Toon Jaspers is fractievoorzitter van CDA Oss

René Peters is wethouder namens het CDA

Posted in: Uncategorized